“Toen de muziek klonk en alles bij elkaar kwam; het was echt groots, het was magnifiek, het was verpletterend, ontroerend mooi. Ik denk dat dit Fauré-moment heel groots en heel bijzonder was. Er waren toen zoveel nieuwe dingen die nog nooit waren gedaan: KunstKlank gaf voor het eerst een uitvoering met beeldende kunst erbij. Mensen waren ongelooflijk verrast en aangedaan.”
Daniël Tavenier, kunstenaar en mede-oprichter van KunstKlank verhaalt graag over de eerste grote productie van KunstKlank. “Wij Herma (van Piekeren) en ik - waren jong en onbezonnen en we hebben samen KunstKlank opgericht met het idee dat we iets moois wilden brengen. Dit naar een citaat van Schumann – Herma kent dat citaat nog wel, ik alleen de strekking ervan – het ging over liefde en inspiratie en dat aan de mensen geven; iets kunstzinnigs.”
“Eigenlijk gek dat we toen kozen voor een requiem, iets dat je speelt als iemand overleden is”, stelt hij. “Ik denk dat we iets wilden neerzetten wat niet zozeer over de dood ging als wel heel licht was en heel mooi. En Fauré’s requiem is heel bijzondere muziek omdat het zoveel hoop geeft en licht, het stijgt als het ware op in de hemel. Het ging ook over een stukje spiritualiteit. Het moest een samengaan zijn van de muziek en de beeldende kunst. Het was een superspannend idee om die elementen te laten samensmelten. Kunst (beeldende kunst, theater) en Klank (muziek).”
Het gebeurde allemaal in de Oude Jeroenskerk. Daniël: “Wij ontdekten dat dit een fantastisch sfeervolle ruimte was met een enorme geschiedenis en vooral met een geweldige akoestiek. Daar zou het moeten gaan gebeuren. Dat was gewoon dè plek waar het allemaal samen zou komen. En alles was nieuw: KunstKlank, de expositie waarvoor André Groeneveld en Wies den Ouden zorgden, het ongelooflijk mooie affiche dat Peter Minnee toen maakte. We hebben echt baanbrekend werk verricht met Fauré.”
Daniël kon destijds niet verder meegaan in KunstKlank: “Ik was stiefvader van zeven kinderen, kreeg zelf ook nog een dochter, had twee gebouwen te onderhouden en moest gewoon brood op de plank hebben. En ik wilde me ook focussen op schilderen en kunst maken. Ik moest lesruimte gaan maken en les gaan geven en kon daardoor niet alles geven voor KunstKlank. Daarom vond ik het mooi dat Herma dat wel deed en dat ik dan af en toe als kunstenaar weer iets kon doen.”
Heel bijzonder voor hem was dat na het overlijden van zijn vrouw Carolien er op haar begrafenis heel mooie muziek werd gemaakt door de mensen die hij bij Fauré had ontmoet: “Herma, Rata (Kloppenburg) en Jaco (van Leeuwen). Zij speelden op haar begrafenis om haar te eren. En daarna zijn mijn dochter Rhodé die inmiddels ook kunstenaar is en ik ook gevraagd om de ontwerpen voor het project De Nieuwe Wereld te maken zodat we iets om handen hadden om dat grote verdriet te verwerken. Dat vond ik uitzonderlijk.”
KunstKlank moet blijven bestaan, vindt Daniël. ‘Want kunst en cultuur zijn keihard nodig, ze zijn voor ons in Noordwijk en omgeving gewoon van levensbelang. Het hoeft niet ontzettend hoogwaardig te zijn of in een museum te horen, maar kunst moet wel echt uit het hart komen en altijd licht brengen. Ik hoop dat KunstKlank zich blijft (her)oriënteren op het manifest van het eerste uur. Het gaat vooral om de intentie, de passie, authenticiteit, dingen doen buiten de kaders. En dat kan ook heel klein zijn: als twee mensen muziek maken in een kleine ruimte voor een publiek van tien man dan is dat soms nog intiemer en mooier dan een gigantisch festival.”