Colofon
Deze website is gemaakt in opdracht van GGD Amsterdam.
Teksten: Karlijn Broekhuizen, Marijn Kramp en Robin Ouwerkerk
Eindredactie: Karlijn Broekhuizen
Fotografie: Sanne Couprie
Vormgeving en techniek: Lisanne Gottenbos
“Waar denk je aan als we het hebben over bestaanszekerheid?”, vraagt gespreksleider Madeline van Riemsdijk de deelnemers. “Geld”, roept iemand. “Een dak boven je hoofd”, zegt een ander. “Een onveilige leefsituatie”, meent een derde.
Allemaal waar, zegt Kelly de Jong, schuldhulpverlener bij Buurtteam Amsterdam. “Geldzorgen betekent stress. Eigenlijk willen we zo weinig mogelijk stress in een gezin. Maar er zijn heel veel huishoudens met betalingsproblemen.”
De cijfers zijn indrukwekkend. 38 procent van de huishoudens in Nederland komt moeilijk rond. En 1 op de 12 huishoudens heeft een inkomen onder de armoedegrens, stelt het Centraal Planbureau. In grote steden liggen die percentages nog hoger. Schulden kunnen ziekte en stress veroorzaken. Door geldzorgen kunnen mensen ook minder rationeel denken: de IQ-score kan door stress 13 punten dalen. Maar hoe kom je erachter of de bestaanszekerheid in een gezin onder druk staat? Wat zijn de signalen? En wat kun je doen als je als professional het gesignaleerd hebt?
Deelnemers sommen mogelijke signalen op: gebrek aan focus in een gesprek, niet komen op afspraken, gestrest of gehaast zijn, wantrouwen tegen de hulpverlener, vragen ontwijken. En als je bij mensen binnenkomt, zijn mogelijke signalen een rommelig huis, weinig spullen, slechte staat van de meubels. En het is regelmatig koud, want de verwarming staat niet aan. De Jong vult zelf aan: “Denk ook aan uiterlijke kenmerken, zoals een slecht gebit.”
Direct vragen naar geldzorgen is ongepast, want op praten over geld heerst een behoorlijk taboe in Nederland. Maar je kunt wel doorvragen in een gesprek, stelt De Jong. “’Ben je nog op vakantie geweest?’ Of: ‘wat komt er veel bij kijken hè, als er een baby op komst is. Lukt het een beetje met het aanschaffen van alle babyspullen. Heb je daar nog vragen over of hulp bij nodig?’ “Of aan het kind: ‘Doe je wel eens iets met je ouders?’ Merk je bijvoorbeeld dat een gezin weinig onderneemt, biedt dat ook een aanknopingspunt voor een gesprek over geldzorgen.”
Voordat je het gesprek over geld aangaat, is het belangrijk om vertrouwen te creëren. Dat doe je door oprechte belangstelling te tonen, oogcontact te maken, een actieve luisterhouding te hebben. Dat gaat van een opmerking over een leuke trui tot een gesprek over de voorschool tijdens het 14-maandenconsult, wanneer het jaarinkomen moet worden opgegeven en een eigen bijdrage wordt gevraagd. De Jong: “Daar kan je vragen: “kunnen jullie dat betalen?’”
Bij De Jong komen mensen langs op kantoor. Van hen is al bekend dat ze schulden hebben en dat ze eraan willen werken. De Jong: “Bij zorgverleners zijn de geldzorgen van huishoudens vaak niet bekend. Tegelijkertijd zijn geldzorgen van ouders enorm belangrijk voor de ontwikkeling van een kind. Als je het niet zeker weet, kan je het gesprek over bestaanszekerheid breed inzetten. “Alles wordt duurder. Ik hoor van veel mensen dat ze moeite hebben met rondkomen. Hoe ga jij daarmee om?” Stel open vragen. En wees dan alert op openingen. Zegt een aankomende moeder dat ze een winterjas nodig heeft, maar dat die duur is, ga daarover dan het gesprek aan.”
Recht tegenover elkaar zittend oefenen de deelnemers het voeren van een gesprek.
De vertrouwensband is belangrijk, benadrukt De Jong: “Laat bij het eerste gesprek de laptop weg. Als je gaat typen tijdens het gesprek, kan de ouder zich afvragen of je wel echt luistert. Maak oogcontact. Ga niet recht tegenover iemand zitten, maar schuin ernaast. Zorg dat je het gesprek op basis van gelijkwaardigheid voert. En als je de opening hebt gevonden, breng iemand dan in contact met het buurtteam.”
Marian Luehof, jeugdverpleegkundige bij SAG Amsterdam:
“Praten over armoede vind ik ingewikkeld. Ik weet dat ik veel ouders zie die geldzorgen hebben en daardoor stress ervaren. Tegelijkertijd wil ik geen aannames doen over de financiële positie van ouders. Maar als je kijkt naar de cijfers, is het niet gek om het met ouders over geldzaken te hebben. Vaak spelen er ook nog onderliggende problemen. Ik heb baat bij tools die we vandaag kregen over hoe je zo’n gesprek kunt aanpakken. Wat kun je aan mensen zien? Hoe voer je een open gesprek over geld? Wat zijn valkuilen? De adviezen die we kregen zijn waardevol. Die ga ik zeker gebruiken.”
Deze website is gemaakt in opdracht van GGD Amsterdam.
Teksten: Karlijn Broekhuizen, Marijn Kramp en Robin Ouwerkerk
Eindredactie: Karlijn Broekhuizen
Fotografie: Sanne Couprie
Vormgeving en techniek: Lisanne Gottenbos