De zomerperiode ligt achter ons. Misschien leek het rond Onderwijs Onderweg even wat rustiger, maar stilgezeten hebben we zeker niet. Ook de afgelopen maanden zijn binnen etappe 6 weer de nodige stappen gezet. Die stappen zetten we samen, in co-creatie. Want de vernieuwing van het onderwijsstelsel is geen opgave van het NIPV, de veiligheidsregio’s of de opleidingsinstituten afzonderlijk. De uitdagingen van morgen vragen dat we vanaf het begin samen optrekken, kennis en perspectieven delen en gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor het resultaat.
Maar samen bedenken is niet voldoende. Goede ideeën en mooie ontwerpen brengen nog geen verandering als we niet óók samen organiseren dat het gebeurt. Daarom gaat co-creatie voor mij hand in hand met co-productie. Co-creatie om samen te bepalen wat nodig is, co-productie om het vervolgens ook samen te realiseren. Dat betekent dat we niet alleen moeten nadenken over de inhoud van het onderwijs, maar ook over wat nodig is om die verandering mogelijk te maken en te borgen. Dat is wat we met Onderwijs Onderweg willen organiseren: niet vandaag het onderwijs van morgen volledig ontwerpen, maar ervoor zorgen dat we het morgen samen kunnen blijven veranderen.
En die beweging is volop gaande. De afgelopen periode hebben we daarin samen weer verschillende stappen gezet. Over veel van die ontwikkelingen hebben we al gepubliceerd op ons platform. In deze mini-editie van het swipezine brengen we ze bij elkaar. Zo ben je in korte tijd weer op de hoogte van waar we staan en wat we hebben gedaan.
Veel leesplezier!
Dennis van Zanten
Programmadirecteur Onderwijs Onderweg
Waar kun je ons tegenkomen?
Brandweerevent 2026
Scherp, nieuwsgierig en niet bang voor een ongemakkelijke vraag? Schuif dan aan bij onze live talkshow tijdens het Brandweerevent. Het onderwerp: de vernieuwing van het onderwijs. Want als het vak verandert, moet ons onderwijs meebewegen. Maar wat moet anders, wat willen we juist behouden en wie bepaalt dat eigenlijk?
We praten je bij over waar we staan met Onderwijs Onderweg, gaan in gesprek met gasten én leggen vragen op tafel die leven in het land. En daar kun je zelf aan bijdragen. Volg Onderwijs Onderweg de komende tijd op en stel alvast jouw vraag. Wie weet komt die tijdens de live uitzending aan bod.
We gaan het land in
Aan het einde van etappe 6 willen we geen standaard etappebijeenkomst organiseren, maar met Onderwijs Onderweg het land in. We komen dus naar je toe! We nemen je mee in waar we staan én laten zien wie de verschillende spelers in het onderwijsstelsel zijn en welke rol zij hebben.
Blijf ons volgen via LinkedIn en ons platform voor meer informatie.
Sinds juni zijn we onderweg in etappe 6. Een etappe waarin de nadruk steeds meer verschuift naar organiseren, inrichten en borgen. Inmiddels zijn we een paar maanden verder. Wat hebben we in die periode gedaan en wat staat er richting het einde van deze etappe nog op de planning?
We begonnen etappe 6 met een duidelijk vertrekpunt: het spoorboekje voor de inrichting van het onderwijsstelsel. De werkzaamheden daarin zijn verdeeld over vijf sporen. Binnen al die sporen zijn de afgelopen maanden stappen gezet. Zo werkten we verder aan verschillende vragen uit de beroepspraktijk. De behoefte aan kennis over mentale weerbaarheid voor manschappen en bevelvoerders kreeg verder vorm, waarbij de vakraad Leren & Ontwikkelen adviseerde over de impact en de implementatie in de regio’s.
Daarnaast hielden we de ontwikkelingen rond Manschap 3.0 nauwlettend in de gaten. Verschillende regio's zijn inmiddels gestart met de implementatie en de ervaringen tijdens dit traject leverden belangrijke lessen op voor toekomstige onderwijsontwikkelingen.
Het stelsel krijgt vorm
Tegelijkertijd werken we steeds concreter aan de inrichting van het onderwijsstelsel zelf. Zo zijn we bezig met het ontwikkelen van een opleidings- en examenvisie. Die moet een gezamenlijke basis bieden voor de manier waarop we straks opleidingen en examens ontwikkelen. Daarbij kijken we naar wat nodig is om de visie daadwerkelijk in de praktijk te kunnen brengen.
Ook de rol en werkwijze van de Werkveldadviescommissie (WVA) worden verder uitgewerkt. En we doen nog iets belangrijks: we doorleven steeds vaker het nieuwe onderwijsstelsel. Samen met betrokken partijen bekijken we aan de hand van concrete situaties hoe de hernieuwde inrichting in de praktijk uitpakt. Wie heeft welke rol? Waar ligt welke verantwoordelijkheid? En waar moeten afspraken of processen nog scherper?
En wat gaan we nog doen?
Etappe 6 loopt tot eind oktober. De komende periode staat er nog het nodige te gebeuren. Een belangrijk onderdeel is het ordenen en actualiseren van functies. Samen met de vakraden gaan we kijken naar het huidige functiestelsel: welke functies beheert de vakraad, hoe hangen ze samen en wat kan worden opgeschoond? Over deze ‘opruimactie’ lees je meer in het volgende artikel van dit swipezine.
Ook gaan we verder met de voorbereidingen voor de toekomstige functie- en curriculumcommissies en het beheer van het functiestelsel. De samenwerking tussen opleidingsinstituten, de evaluatiesystematiek en de verdere inrichting van de WVA krijgen een vervolg.
Zo werken we stap voor stap verder. Samen met de partijen die een rol hebben in het stelsel en steeds met dezelfde vraag voor ogen: werkt wat we bedenken ook in de praktijk? Bekijk ook de overzichtspagina over Etappe 6 op ons platform.
Welke functies kennen we eigenlijk allemaal binnen brandweerzorg en crisisbeheersing? Zijn ze nog actueel? Waar zit overlap en welke functies horen logisch bij elkaar? Om het onderwijsstelsel goed te kunnen inrichten, moeten we eerst zorgen dat de basis op orde is. Daarom gaan de vakraden aan de slag met het ordenen van de functies. Een flinke opruimactie, maar wel eentje met een duidelijk doel.
Het opnieuw geordende onderwijsstelsel gaat uit van functiegericht beroepsonderwijs. Dat betekent dat mensen worden opgeleid voor de functie en taken die zij in de praktijk veilig en adequaat moeten kunnen uitvoeren. Daarvoor moet wel duidelijk zijn welke functies er zijn en hoe die met elkaar samenhangen. En juist daar ontbreekt op dit moment nog een compleet en samenhangend overzicht.
Daarom gaan we het functiestelsel ordenen. Het gaat daarbij niet simpelweg om een lijst met functienamen. We willen ook inzicht krijgen in de samenhang: welke functies volgen logisch op elkaar? Welke functies raken elkaar? En welke indeling helpt om het onderwijs straks goed te organiseren?

Alles op tafel
We maken eerst een totaaloverzicht van de functies en stellen uitgangspunten op voor het ordenen ervan. Daarna zijn de vakraden aan zet. Tijdens werksessies bekijken zij de functies die bij hun vakgebied horen. Per functie wordt gekeken: is deze nog actueel? Hoe verhoudt de functie zich tot andere functies? En welke functies kunnen logisch bij elkaar worden geclusterd?
Dat doen de vakraden niet alleen. Waar mogelijk sluiten ook decanen van het NIPV aan bij de sessies. De verschillende groepen werken volgens dezelfde aanpak, zodat de resultaten goed bij elkaar kunnen worden gebracht. Na de werksessies volgt een spiegelbijeenkomst. Daar leggen we alles nog eens naast elkaar en bespreken we de inzichten en aandachtspunten.
Meer dan alleen opruimen
De opbrengst moet uiteindelijk leiden tot een actueel en samenhangend functiestelsel voor brandweerzorg en crisisbeheersing. Daarin staan functies niet langer los van elkaar, maar wordt zichtbaar hoe ze zich tot elkaar verhouden. Dat overzicht is belangrijk voor het opnieuw geordende onderwijsstelsel. De clustering van functies vormt bijvoorbeeld de basis voor de toekomstige functiecommissies. En uiteindelijk draait het natuurlijk om het onderwijs. Want als duidelijk is voor welke functies we opleiden en wat de samenhang daartussen is, kunnen we óók het onderwijs beter en logischer organiseren.
De werksessies per vakraad vinden plaats in september en oktober. Daarna worden de resultaten naast elkaar gelegd en werkt Onderwijs Onderweg toe naar één totaaloverzicht van het functiestelsel.
Vakbekwaam blijven: hoe organiseren we dat efficiënt en effectief? Op dit moment geeft iedere veiligheidsregio daar op zijn eigen manier invulling aan. Dat leidt tot verschillen en inefficiëntie. Volgens Ymko Attema en Elleke van Lingen van de Vakraad Leren en Ontwikkelen moet dat anders. Zij pleiten voor een vergelijkbare aanpak als het programma Onderwijs Onderweg én voor samenwerking mét dat programma.
Tijdens het eerste halfjaar van 2026 werkten Ymko en Elleke namens de Vakraad Leren en Ontwikkelen aan de aansluiting van vakbekwaam blijven op het nieuwe onderwijsstelsel. Bij dit project – een vervolg op ‘Aantoonbaar vakbekwaam blijven, van vinken naar vonken’ (2025) – waren ook Simon Stenneberg (projectadviseur) en Marianne Heijndijk (projectleider) betrokken. De resultaten zijn voor de zomer opgeleverd aan de Vakraad Leren en Ontwikkelen. Met Ymko, Elleke en Marianne spraken we over het project, en wat nodig is voor het vervolg.
Belangrijk thema
Het is een bekend gegeven: vakbekwaam worden kent een eindpunt; vakbekwaam blijven is een doorlopend proces. Juist dat doorlopende proces blijkt lastiger te organiseren dan een opleiding met een examen afsluiten. Vakbekwaam blijven vraagt om continu leren, oefenen, reflecteren en ontwikkelen, terwijl niet altijd zichtbaar is wat iemand nodig heeft of wanneer iemand voldoende vakbekwaam blijft.

Vakbekwaam blijven is een belangrijk thema zeker nu de wereld sneller verandert dan vroeger. Een initiële opleiding vormt een goede basis, maar is niet voldoende om gedurende een hele loopbaan veilig en effectief te blijven optreden. Daarom verschuift de aandacht van eenmalig opleiden naar continu leren, oefenen en ontwikkelen en een goed werkende verbinding tussen vakbekwaam worden en blijven. Maar hoe gaan we dat aanpakken?
Overal net even anders
In algemene zin geldt dat eerst duidelijk moet zijn waar we het eigenlijk over hebben. Wie zijn al die spelers die zich bezighouden met vakbekwaam blijven? Hoe meten we de vakbekwaamheid van iemand? En hoe ziet onze gemeenschappelijke taal eruit?
Het zijn allemaal vragen waarop de antwoorden (nog) niet zomaar te geven zijn. Waarom niet? Omdat we het overal in het land net even anders doen, we vaak wel dezelfde taal spreken maar daar niet hetzelfde mee bedoelen en niet duidelijk is wie waarvoor wanneer verantwoordelijk is, zo blijkt ook uit de verkenning die tijdens het project is gedaan. Het projectteam heeft mede op basis van deze verkenning een advies ontwikkeld voor het vervolg met de notitie ‘De cirkel rond: verkenning aansluiting vakbekwaam blijven op het onderwijsstelsel’.
Gezamenlijke basis
Ymko, Elleke en Marianne zien een vergelijkbare situatie met hoe het programma Onderwijs Onderweg destijds startte: “De conclusie was toen dat het onderwijsstelsel voor brandweer en crisisbeheersing ingewikkeld, inefficiënt en ondoorzichtig was. Het programma Onderwijs Onderweg kreeg de opdracht om dat te verbeteren.” Vakbekwaam blijven zit in een vergelijkbare startpositie. “Net als destijds bij Onderwijs Onderweg ontbreekt een gezamenlijke basis waarop alle regio's kunnen voortbouwen. Ook wij weten dat we het echt anders moeten gaan doen, maar hebben daarvoor nog van alles uit te zoeken.”
‘Vakbekwaam blijven is heel complex en we moeten veel betrokkenen meenemen’
Zij zien daarvoor een vergelijkbare aanpak voor zich als wat Onderwijs Onderweg heeft gedaan: eerst de basis op orde brengen (visie, doelformulering en samenwerken), vervolgens een stelsel vakbekwaam blijven ontwerpen en inrichten, daarna standaarden ontwikkelen en afspraken maken over normering en meten, waarna implementatie kan plaatsvinden. Marianne: “De etappegewijze aanpak die het programma hanteert past ook goed op vakbekwaam blijven: dat we steeds met elkaar een stukje op reis gaan, kijken wat we tegenkomen en vervolgens bepalen wat we daarvoor moeten organiseren, of waar we moeten bijstellen. Immers: vakbekwaam blijven is heel complex en we moeten veel betrokkenen meenemen. Een stapsgewijze aanpak maakt dat iedereen het gemakkelijker kan bijbenen.”
Vakraad betrekken
Advies is daarnaast om de Vakraad Leren en Ontwikkelen een duidelijkere rol te geven. Bijvoorbeeld als het gaat om noodzakelijke wijzigingen in de lesstof omdat er een nieuwe visie is ontwikkeld of procedures zijn veranderd. Elleke: “Wij denken dat alle wijzigingen vergezeld moeten gaan van een impactanalyse voor het repressieve personeel dat al bij de brandweer werkt zodat vooraf duidelijk is wat een verandering betekent. Een ogenschijnlijk kleine verandering, kan al een enorme inspanning betekenen voor vakbekwaam blijven. De vakraad moet daarom betrokken worden en kijken naar zittend, toekomstig en didactisch personeel. Zodat we niet steeds moeten repareren aan de achterkant.”
Ook is het zaak dat de ontwikkelaar van nieuwe lesstof voortaan standaard leerproducten ontwikkelt voor bijscholing van zittend personeel. Ymko: “Dat vraagt om een besluit waar zowel het NIPV als de opleidingsinstituten achter staan. En om een analyse van wat er al ligt in de regio’s en wat daarvan wellicht als basis kan dienen voor landelijke les- en leerstof. Het risico bestaat anders dat we alles 25 keer bedenken. Dat is inefficiënt en zorgt voor grote verschillen tussen regio’s.”

Ten slotte is het advies om snel tot een gemeenschappelijke taal en gedeelde definities te komen voor zowel vakbekwaam worden als vakbekwaam blijven. Door twee onderwijskundige experts is inmiddels een brede verkenning gedaan en daar een voorstel voor ontwikkeld. Volgende stap is dat samen te voegen met de notitie ‘Klaar voor sterk samenspel’ van Onderwijs Onderweg.
Ruimte voor verschillen
Het perspectief lonkt, denkt Marianne: “Door vakbekwaam blijven, waar het kan, gezamenlijk te organiseren en meer samen te werken, gaan we slimmer met capaciteit om. Capaciteit die kan worden ingezet voor innovatie of begeleiding in de praktijk bijvoorbeeld.” Niet alles hoeft precies hetzelfde te worden, tekent ze erbij aan. “Er zal ook ruimte nodig blijven voor verschillen tussen regio’s.”
Elleke en Ymko verwachten dat het zo’n twee jaar duurt – tot eind 2028 – voordat vakbekwaam blijven stevig op de kaart staat. Elleke: “Dan ligt er hopelijk een rollennotitie, vergelijkbaar met die van Onderwijs Onderweg. Ook is er dan duidelijkheid over het stelsel, is vakbekwaam blijven geïntegreerd met vakbekwaam worden en zijn de verschillende gremia in positie.” “Ik verwacht bovendien dat we dan al volop aan het leren zijn door het gewoon te gaan doen. Dat we les- en leermiddelen ontwikkelen in co-creatie tussen de regio’s, de Vakraad Leren en Ontwikkelen en het NIPV”, vult Ymko aan.
Het programma Onderwijs Onderweg werkt stap voor stap aan een toekomstbestendig onderwijsstelsel voor brandweer- en crisisprofessionals. Via diverse kanalen proberen we iedereen op de hoogte te houden van de richting, de keuzes en de vervolgstappen van het programma. Logischerwijs roept dit veel vragen op, zoals onder meer bleek tijdens het Brandweerevent 2025. Die vragen beantwoorden we uiteraard graag.
Op het platform van Onderwijs Onderweg hebben we een uitgebreide Q&A aangemaakt. Van simpele beginvragen als ‘Wat is het hoofddoel van Onderwijs Onderweg?’ en ‘Hoe weten we dat dit wél een verbetering gaat zijn voor ons onderwijs?’ tot aan meer inhoudelijke vragen als ‘Hoe wordt vakbekwaam blijven georganiseerd, en hoe borgen we dit regionaal?’ en ‘Hoe verbinden we theorie en praktijk en hoe blijft de beroepspraktijk continu input leveren?’
Het betreft in totaal 23 vragen, die we hebben opgedeeld in een viertal thema’s:
- Deel 1: Waarom Onderwijs Onderweg? De noodzaak van vernieuwing
- Deel 2: Hoe ziet het onderwijs van morgen eruit?
- Deel 3: Een leven lang ontwikkelen, wat betekent dat?
- Deel 4: Sterk samenspel: wie heeft welke rol in het onderwijs?
Klik op de links om de vragen en antwoorden van een thema te bekijken.
We blijven de Q&A’s aanvullen en uitbreiden als daar aanleiding voor is. Dus: heb jij zelf nog vragen over het programma Onderwijs Onderweg? Mail ons via onderwijsonderweg@nipv.nl.
Bij Onderwijs Onderweg reflecteren we voortdurend op de ontwikkelingen binnen het programma. Dat deden we ook tijdens de afgelopen vakantieperiode. We gingen dieper in op de veranderende rol van de Werkveldadviescommissie, bespraken hoe de GHOR zou kunnen aansluiten bij Onderwijs Onderweg en deelden de geleerde lessen die op tafel kwamen bij de actualisatie van de leergang voor manschappen. Vers van de pers is een nieuwsbericht over de voortgang van Incidentbestrijder A, B en C. Heb jij deze artikelen al gelezen?

Sterkere positie voor WVA: hazenpaadjes afsluiten
In het opnieuw geordende onderwijsstelsel voor brandweer en crisisbeheersing is een belangrijke rol weggelegd voor de Werkveldadviescommissie (WVA). Het doel is om de brugfunctie van de WVA tussen de onderwijsbehoeftes uit de praktijk en de vertaling daarvan in les- en leerstof verder te versterken. We gingen in gesprek met Harm Balk en Eva van de Beek, respectievelijk voorzitter en secretaris van de WVA.
Harm: “Het begint bij de vakraden, die de behoefte uit de praktijk ophalen. Als die vakraden goed zijn vertegenwoordigd in de WVA, kan men onmogelijk om ons heen. Dat betekent dat we aan de voorkant het overzicht bewaren met alle relevante spelers.”

De geleerde lessen van Manschap 3.0
Bij de actualisatie van de leergang voor manschappen – ook wel Manschap 3.0 genoemd – is een pas op de plaats gemaakt. Tijdens het proces was onvoldoende rekening gehouden met de effecten van de aangepaste opleiding op zittend personeel. Ymko Attema (Vakraad Leren en Ontwikkelen) en Marc Ploegman (decaan Brandweeropleidingen bij het NIPV) blikken terug. Hun belangrijkste conclusie: aanpassingen in onderwijs voor brandweer en crisisbeheersing moeten altijd worden gedaan met een integrale blik.
Marc: “Door het gebruik van de onderwijscirkel van Onderwijs Onderweg zijn we met elkaar veel meer de diepte in gegaan. Begrijpen we elkaar goed genoeg? Wie heeft nu eigenlijk welke rol? Wie geeft welke opdracht en wie besluit? Doordat de opleidingsinstituten nauw waren betrokken, ontstond pure ontwikkelkracht. Qua zorgvuldigheid en draagvlak is dit het allerbeste werkproces dat ik ooit heb meegemaakt.”

Ook de GHOR kan profiteren van Onderwijs Onderweg
Flexibel onderwijs dat goed is afgestemd op de praktijk. Dat is niet alleen belangrijk voor de brandweer, maar óók voor crisisbeheersing. Om die reden vinden Carian Cools (decaan opleidingen crisisbeheersing bij het NIPV) en Jan Dirk van de Ven (GHOR Amsterdam-Amstelland) dat de GHOR-bureaus in Nederland baat hebben bij het programma Onderwijs Onderweg.
Carian: “Het is natuurlijk heel prettig als je in een crisissituatie aan één woord genoeg hebt om elkaar te begrijpen. Dat kan als iedereen wordt opgeleid volgens dezelfde principes en hetzelfde taalgebruik. De verbinding tussen de multipartners wordt steeds belangrijker. We moeten met elkaar beseffen dat we niet op verschillende eilanden zitten.”

Vakraad pakt Incidentbestrijder A, B en C op
De Vakraad Incidentbestrijding neemt het voortouw in de verdere uitwerking van Incidentbestrijder A, B en C. Er komt een werksessie om gezamenlijk te bepalen op welke vraagstukken nog een antwoord moeten komen en hoe de verdere aanpak eruitziet. Het programma Onderwijs Onderweg blijft ondersteuning bieden. Projectleider van het programma, Alex van Schaik, vertelt wat dit betekent en hoe het vervolg eruitziet.
“Het lijkt alsof dit proces heeft stilgelegen, maar niets is minder waar”, zegt projectleider Alex van Schaik. “Er is een denkrichting geformuleerd. Deze is breed omarmd en nu moeten we met elkaar gaan kijken waar dit allemaal invloed op kan hebben en hoe we dit het beste kunnen organiseren.”
Colofon
Deze digitale uitgave is gemaakt in opdracht van Onderwijs Onderweg.
Redactie
Lieke de Geus, Keltoum Laoukili, Richard Post, Eric Went
Vormgeving John Stelck
Techniek Loek Weijts
Coverfoto Megin Zondervan
Vragen en/of opmerkingen?
Mail: onderwijsonderweg@nipv.nl



